Progwereld

Rare jongens, die Italianen. Komt er weer zon volslagen onbekend Italiaans bandje, is het wéér briljant. Dit keer betreft het Gran Turismo Veloce, uit Grosseto, Italië. En Gran Turismo Veloce is pure neoprog, maar dan wel gemaakt met de Italiaanse charme en finesse die we wel zon beetje gewend zijn.

Misschien is het feit dat Italië zoveel prachtige steden heeft boordevol cultuur, gelegen in een prachtig landschap. Tenminste, dat heb ik me laten vertellen, en ik kan zien op plaatjes via Google Maps, want ik ben helaas nog nooit in Italië geweest. Mocht ik er ooit heengaan, dan ga ik zeker naar Grosseto, want dat is één van de steden waar nog een complete stadsmuur staat. Ze waren daar in het verleden blijkbaar slimmer dan in mijn thuisstad Delft, waar slechts nog een lullig stadspoortje over is gebleven. Het is geen wonder dat zon mooie omgeving de bandleden van Gran Turismo Veloce inspireert tot het maken van zoiets moois als hun debuut Di Carne, Di Anima, dat wel zoiets zal betekenen als vlees noch vis (iemand de Italiaanse taal machtig?).

Hoe dan ook, het voornaamste kenmerk van de neoprog van Gran Turismo Veloce is dat het leuk is. Veel neoprog, vooral wanproducten als die laatste van Tinyfish, hebben vaak een enorm lullig karakter, met refreinen waarvoor Wolter Kroes zich nog voor zou schamen. Dat probleem heeft Gran Turismo Veloce niet. Zij hebben de kunst prachtige refreinen te omlijsten met weergaloos neoprog-spel. Het is allemaal ook nog eens redelijk stevig, erg strak voor neo-begrippen en vooral ongedwongen.

Het leuke aspect van Gran Turismo Veloce zit em in het onverwachte. Net nu je dacht dat je het nu wel gehoord hebt, weten ze je weer aangenaam op het verkeerde been te zetten. Je moet niet raar opkijken als ze ineens met een accordeon aan komen zetten, zoals in de fantastische opener Sorgente Sonora. Afwisselend is het trefwoord, hoewel het gevaar daarvan is dat het wat druk en opgefokt kan worden. De uitstekende melodieën en de sterke refreinen verhoeden dit gevaar gelukkig. En door slim Misera Venera in tweeën te knippen  het tweede deel heeft ook een hele andere sfeer, maar je herkent gelijk het ijzersterke thema  houden ze ook het publiek de gehele plaat vast. Het maakt dat je je op dát moment realiseert: dit is heel erg goed! En hop, daar komen ze ineens met een dwarsfluit.

Soms doet de muziek mij denken aan de helaas ter ziele gegane formatie Strangefish van een paar jaar terug, maar Gran Turismo Veloce heeft voldoende eigen smoel. Dat komt dan weer voornamelijk door de stem van zanger Claudio Filippeschi, een stem die je verwacht bij Italiaanse retro. Hoe komen ze daar toch aan al die fantastische zangers?

Ik ben blij dat ik eindelijk weer eens enthousiast kan zijn over neoprog, en dan nog Italiaanstalig ook. Gran Turismo Veloce laat met Di Carne, Di Anima niet alleen zien dat neoprog nog springlevend is, maar tevens dat er veel meer rek zit in deze substroming.

Rare jongens, die Italianen. Komt er weer zo’n volslagen onbekend Italiaans bandje, is het wéér briljant. Dit keer betreft het Gran Turismo Veloce, uit Grosseto, Italië. En Gran Turismo Veloce is pure neoprog, maar dan wel gemaakt met de Italiaanse charme en finesse die we wel zo’n beetje gewend zijn.

Misschien is het feit dat Italië zoveel prachtige steden heeft boordevol cultuur, gelegen in een prachtig landschap. Tenminste, dat heb ik me laten vertellen, en ik kan zien op plaatjes via Google Maps, want ik ben helaas nog nooit in Italië geweest. Mocht ik er ooit heengaan, dan ga ik zeker naar Grosseto, want dat is één van de steden waar nog een complete stadsmuur staat. Ze waren daar in het verleden blijkbaar slimmer dan in mijn thuisstad Delft, waar slechts nog een lullig stadspoortje over is gebleven. Het is geen wonder dat zo’n mooie omgeving de bandleden van Gran Turismo Veloce inspireert tot het maken van zoiets moois als hun debuut “Di Carne, Di Anima”, dat wel zoiets zal betekenen als ‘vlees noch vis’ (iemand de Italiaanse taal machtig?).

Hoe dan ook, het voornaamste kenmerk van de neoprog van Gran Turismo Veloce is dat het leuk is. Veel neoprog, vooral wanproducten als die laatste van Tinyfish, hebben vaak een enorm lullig karakter, met refreinen waarvoor Wolter Kroes zich nog voor zou schamen. Dat probleem heeft Gran Turismo Veloce niet. Zij hebben de kunst prachtige refreinen te omlijsten met weergaloos neoprog-spel. Het is allemaal ook nog eens redelijk stevig, erg strak voor neo-begrippen en vooral ongedwongen.

Het leuke aspect van Gran Turismo Veloce zit em in het onverwachte. Net nu je dacht dat je het nu wel gehoord hebt, weten ze je weer aangenaam op het verkeerde been te zetten. Je moet niet raar opkijken als ze ineens met een accordeon aan komen zetten, zoals in de fantastische opener Sorgente Sonora. Afwisselend is het trefwoord, hoewel het gevaar daarvan is dat het wat druk en opgefokt kan worden. De uitstekende melodieën en de sterke refreinen verhoeden dit gevaar gelukkig. En door slim Misera Venera in tweeën te knippen – het tweede deel heeft ook een hele andere sfeer, maar je herkent gelijk het ijzersterke thema – houden ze ook het publiek de gehele plaat vast. Het maakt dat je je op dát moment realiseert: dit is heel erg goed! En hop, daar komen ze ineens met een dwarsfluit.

Soms doet de muziek mij denken aan de helaas ter ziele gegane formatie Strangefish van een paar jaar terug, maar Gran Turismo Veloce heeft voldoende eigen smoel. Dat komt dan weer voornamelijk door de stem van zanger Claudio Filippeschi, een stem die je verwacht bij Italiaanse retro. Hoe komen ze daar toch aan al die fantastische zangers?

Ik ben blij dat ik eindelijk weer eens enthousiast kan zijn over neoprog, en dan nog Italiaanstalig ook. Gran Turismo Veloce laat met “Di Carne, Di Anima” niet alleen zien dat neoprog nog springlevend is, maar tevens dat er veel meer rek zit in deze substroming.

Markwin MeeuwsProgwereld

Traduzione italiana

Ragazzi strani, gli italiani. Ci arriva un gruppo totalmente sconosciuto e di nuovo è eccezionale. Questa volta si tratta dei Gran Turismo Veloce, da Grosseto. Il neoprog dei GTV è puro, ma certamente fatto con il fascino e la sottilità a cui gli italiani ci hanno abituato. Forse sarà perché l’Italia ha tante bellissime città piene di cultura, essendo situate in ambienti splendidi. Almeno questo mi è stato detto da chi ci è stato e ne ho la conferma anche da Google Maps, visto che sfortunatamente non ci sono mai stato in Italia. Ma quando ci andrò, certamente visiterò Grosseto, perché in questa città ci sono ancora le mura complete: la gente lì è stata più intelligente di quella della mia città natale Delft, dove c’è rimasto solo un piccolo, miserabile cancello. Non è un miracolo che un ambiente talmente bello abbia ispirato i membri dei GTV a fare qualcosa di bellissimo come il loro debutto “di Carne, di Anima”. Probabilmente la traduzione sarà qualcosa come “né carne, né pesce” (c’è qualcuno qui che parla italiano?). Comunque, l’aspetto tipico del neoprog dei GTV consiste nel carattere divertente. Molto del neoprog di oggi è principalmente porcheria come l’ultimo di Tinyfish e spesso ha un carattere di merda. Con ritornelli dei quali persino Wolter Kroes (un cantautore popolare olandese NDT) si vergognerebbe. Questo problema i GTV non ce l’hanno. Hanno l’arte di circondare bellissimi ritornelli con un incredibile suono neoprog. Anche se tutto è estremamente neoprog, il suono è tuttavia rilassato. L’aspetto piacevole dei GTV si trova nell’inaspettato. Esattamente nel momento in cui pensi che sia abbastanza (l’ho ascoltato) sanno sorprenderti in modo piacevole. Non c’è da sorprendersi quanto, improvvisamente, appare una fisarmonica come nell’inizio della fantastica “Sorgente Sonora”. Il verbo giusto è varietà, comunque c’è il pericolo di un’atmosfera troppo piena e agitata. Le melodie eccellenti e i ritornelli forti fortunatamente prevengono questo pericolo. E sono riusciti a tener l’attenzione del pubblico durante l’intera canzone, per poi dividere Misera Venere intelligentemente in due parti. La seconda parte ha un’atmosfera totalmente diversa, talmente diversa che quasi non si riconosce immediatamente il tema portante. Per questo si realizza in quel momento: che è fatto davvero molto molto bene! E poi, improvvisamente, il suono del flauto traverso. A volte la musica rassomiglia al gruppo sfortunatamente sciolto Strangefish di qualche anno fa, ma i GTV hanno un carattere abbastanza unico. Questo è aiutato molto dalla voce del cantante Claudio Filippeschi, una voce che ci si aspetta nel retro italiano. Com’è possibile che ci siano tanti cantanti fantastici laggiù? Sono felice di poter essere ancora finalmente entusiastico del neoprog, e poi in lingua italiana! I GTV dimostrano con “di Carne, di Anima”, non solo che il neoprog è vivo, ma che ha ancora un suo futuro nel sottostrato.